Verliesverrekening in de vennootschapsbelasting

Bij de behandeling van het Belastingplan 2021 heeft de wetgever twee wijzigingen in de regels voor verliesverrekening in de vennootschapsbelasting aangekondigd. Aan de ene kant betreft het een verruiming van de verrekeningsmogelijkheden en aan de andere kant een beperking. In dit artikel behandelen wij beide wijzigingen. De wijzigingen zijn per 1 januari 2022 ingegaan.

Systeem van verliesverrekening in de vennootschapsbelasting

Over de winst van een lichaam is vennootschapsbelasting verschuldigd. Wie denkt in volledige spiegelbeelden kan er dan voor pleiten om bij verliezen een teruggaaf te verlenen. Toch is dat niet het geval. De wetgever heeft gekozen voor een systeem waarin negatieve winsten (verliezen) verrekenbaar zijn met eerdere of latere winsten. Dat systeem past goed bij een van de uitgangspunten van ons belastingstelsel, dat bekend staat als het totaalwinst begrip. Deze gedachte houdt in dat tijdens de levensduur van een onderneming, uiteindelijk de gehele winst belast moet zijn.

Het systeem tot en met 2021 maakt inbreuk op deze gedachte. Immers: verliesverrekening is aan termijnen gebonden. Bedrijven mogen verliezen één jaar achteruit (achterwaartse verliesverrekening) en zes jaar vooruit (voorwaartse verliesverrekening) verrekenen. Daardoor komt het voor dat bedrijven niet tijdig voldoende winst maken om al hun verliezen te verrekenen. Die verliezen gaan dan ‘teniet’. Dat verschijnsel staat bekend als verliesverdamping. Ten gevolge van de aangekondigde wijzigingen zal verliesverdamping minder vaak voorkomen.

Nieuwe regels verliesverrekening per 2022

Het aanpakken van de verrekeningstermijn is bedoeld om – met name grotere bedrijven – te beperken in hun korte termijn verrekeningsmogelijkheden. Uit onderzoek is naar voren gekomen dat deze bedrijven het voor elkaar krijgen om jaren achtereen bezig te zijn met verliesverrekening en zodoende geen vennootschapsbelasting betalen. Daarom meent de wetgever de regels zo aan te moeten passen dat de belastingopbrengsten meer stabiel zijn. Dat leidt tot twee wijzigingen. In de eerste plaats zijn verliezen voortaan in de tijd onbeperkt voorwaarts verrekenbaar. Ten tweede is de verrekening voortaan gebonden aan een jaarlijks plafondbedrag dat afhankelijk is van de hoogte van de winst.

Onbeperkt voorwaartse verliesverrekening in de vennootschapsbelasting

Onder de regels tot en met 2021 kan voorwaartse verliesverrekening plaatsvinden in de zes jaren volgend op het jaar waarover het verlies is geleden. Dat gaat veranderen. Op grond van de nieuwe regels zal de termijn voor voorwaartse verliesverrekening namelijk onbeperkt zijn. Verliesverdamping zal dan ook een stuk minder vaak voorkomen.

Jaarlijks plafond verliesverrekening in de vennootschapsbelasting

Naast de uitbreiding van de verrekeningstermijn, volgt ook een beperking van de jaarlijkse verrekeningsmogelijkheid. Dit plafond geldt niet alleen bij het bepalen van de omvang van de voorwaartse verliesverrekening, maar ook bij het bepalen van de omvang van de achterwaartse verliesverrekening. Zoals aangegeven moet deze maatregel leiden tot meer geleidelijke verliesverrekening en meer stabiele belastinginkomsten.

De omvang van de jaarlijkse verliesverrekening wordt als volgt bepaald:

  1. Verliesverrekening tot een bedrag van € 1.000.000 is zonder nadere voorwaarden mogelijk;
  2. Verliesverrekening boven dit bedrag – dus meer dan € 1.000.000 – is mogelijk voor zover de verrekening niet meer bedraagt dan 50% van de belastbare winst.

Een voorbeeld van verliesverrekening volgens de nieuwe regels

Een bv lijdt in 2020 een verlies van € 2.000.000. Vervolgens gaat het in 2021 niet bepaald beter en volgt een verlies van € 3.000.000. Echter, 2022 blijkt voor deze onderneming een kantelpunt te zijn. De winst over dat jaar bedraagt € 4.000.000. Nu komt verliesverrekening in beeld. Op grond van de nieuwe regels verloopt de verrekening als volgt:

  1. Eerst vindt verrekening plaats voor een bedrag van € 1.000.000. Hieraan zijn geen nadere voorwaarden verbonden. Er resteert dan nog een belastbaar bedrag van € 3.000.000;
  2. Daarna mag over het meerdere nog verliesverrekening plaatsvinden tot 50% van dit belastbaar bedrag, oftewel € 1.500.000.

De totale verliesverrekening bedraagt dan € 2.500.000 en over een bedrag van € 1.500.000 dient nog vennootschapsbelasting te worden voldaan.

Bestaande verliezen en nieuwe regels verliesverrekening

De nieuwe regels met betrekking tot voorwaartse verliesverrekening, zijn zowel van toepassing op verliezen die ontstaan op of na 1 januari 2022 als op verliezen die eind 2021 nog verrekenbaar zijn. Samengevat betekent dit dat verliezen uit boekjaren die zijn aangevangen op of na 1 januari 2013, nog voorwaarts verrekenbaar zijn. Dat komt omdat op grond van overgangsrecht bij eerdere wetswijzigingen, verliezen uit de periode 2013 – 2018 negen jaar (en niet zes jaar) voorwaarts verrekenbaar zijn.

Verliesverrekening en belastingadvies

Kortom; als gevolg van de invoering van deze wetgeving zijn de regels voor verliesverrekening weer iets complexer gemaakt. Daarentegen ontstaat de mogelijkheid om verliezen in de tijd vrijwel onbeperkt voorwaarts te mogen verrekenen. Als gevolg van deze regelgeving kan uw belastingpositie in de vennootschapsbelasting – en daarmee uw liquiditeitspositie – veranderen. Vraag daarom tijdig om advies van een fiscaal adviseur en vergeet daarbij niet te (laten) beoordelen of uw eventuele voorlopige aanslag correct is.



Bronnen:
Nota van wijziging bij het Belastingplan 2021 inzake beperking verliesverrekening