Stel een vraag
Terechte naheffing van bijtelling wegens terbeschikkingstelling personenauto door kinderdagverblijf
JurisprudentieLoonheffingen kopieer en deel Naar kennisbank

Terechte naheffing van bijtelling wegens terbeschikkingstelling personenauto door kinderdagverblijf

  • Publicatiedatum 14 sep 2025
  • Aanpassingsdatum 14 sep 2025
  • Leestijd 6 min

Als een personenauto aan een werknemer ter beschikking is gesteld, dan vormt het voordeel daarvan loon (de bijtelling). Het voordeel bedraagt nihil als uit een rittenregistratie of anderszins blijkt dat de auto op kalenderjaarbasis voor niet meer dan 500 kilometer voor privédoeleinden is gebruikt. Deze discussie was aan de orde in een zaak waarin het gerechtshof Den Haag op 12 augustus 2025 arrest wees. In die zaak ging het zowel om de vraag of er een auto ter beschikking stond als om de vraag of bewezen is dat de auto voor niet meer dan 500 kilometer privé is gebruikt. Verder was de door de Belastingdienst opgelegde vergrijpboete onderwerp van discussie. De vergrijpboete is vernietigd, maar volgens het hof is de bijtelling terecht gecorrigeerd. In dit artikel behandel ik deze zaak of de naheffing van bijtelling wegens de terbeschikkingstelling van een personenauto.

Discussie over terbeschikkingstelling auto door kinderdagverblijf

De belastingplichtige in deze zaak heeft een kinderdagverblijf. Er zijn vier personenauto’s. De werknemers gebruiken de auto’s voor het vervoer van de kinderen en het doen van boodschappen. Iedere werknemer tekent een autoverklaring. Daarin is opgenomen dat privégebruik verboden is, de auto alleen mag worden gebruikt voor boodschappen en breng- en haaldiensten en dat de sleutel altijd achterblijft op het werk. Deze regels zijn ook opgenomen in het personeelshandboek. De inspecteur voert een boekenonderzoek uit. Hij merkt op dat er geen kilometeradministraties zijn en geen ander bewijs aanwezig is waaruit volgt dat de auto’s niet meer dan 500 kilometer voor privédoeleinden zijn gebruikt. Dit leidt tot een naheffing die in de eindheffing is betrokken. Uit coulance doet hij dat voor één auto en op basis van het loon van de dga. Hij legt ook een vergrijpboete op wegens grove schuld aan het niet of te laat betalen van verschuldigde belasting.

Belastingplichtige is het oneens met naheffing van bijtelling personenauto

De belastingplichtige is het met de volgende zaken oneens:

  • Het maken van een correctie op de bijtelling. Volgens de belastingplichtige zijn de auto’s niet ter beschikking gesteld. Als dat al het geval zou zijn, dan is gebleken dat de auto’s niet meer dan 500 kilometer voor privĂ©doeleinden zijn gebruikt.
  • De vergrijpboete is ten onrechte opgelegd.

De rechtbank oordeelde dat de bijtelling terecht in rekening is gebracht, maar dat de vergrijpboete ten onrechte is opgelegd. Deze beide punten komen in hoger beroep wederom aan de orde. De belastingplichtige wil dat de naheffing op de bijtelling voor de personenauto van tafel gaat. Volgens de inspecteur is de vergrijpboete ten onrechte vernietigd.

De regels bij het toetsen van de auto van de zaak

Het gerechtshof geeft eerst het toetsingskader. De eerste stap is om te beoordelen of een auto ook voor privédoeleinden aan een werknemer ter beschikking is gesteld. Als dat het geval is, dan bedraagt het voordeel nihil, mits uit een rittenregistratie of anderszins blijkt dat de auto op kalenderjaarbasis voor niet meer dan 500 kilometer voor privédoeleinden is gebruikt. Van een terbeschikkingstelling is niet altijd sprake als de werknemer een auto bestuurt. Zo is hiervan geen sprake als het besturen plaatsvindt ter uitvoering van bepaalde opdrachten om personen of goederen te vervoeren. De werkgever behoudt dan de feitelijke beschikkingsmacht over de auto. Een terbeschikkingstelling vereist dat de werknemer voor kortere of langere tijd de feitelijke macht over de auto uitoefent. Een verbod op privégebruik doet daaraan bij een personenauto niet af. Zo’n verbod is van belang bij het toetsen van de 500-kilometergrens.

Gerechtshof (2025): auto stond ter beschikking van de dga

De inspecteur voert aan dat de auto in elk geval aan de dga ter beschikking stond. Zij was bestuurder van de vennootschap en kon steeds bij de autosleutels. Volgens de belastingplichtige is dat niet het geval. De auto was uitsluitend bestemd voor de specifieke zakelijke doeleinden. Daar is de auto ook intensief voor gebruikt. Daarnaast geldt het verbod op privégebruik zoals vastgelegd in de autoverklaringen en is aan sleutelbeheer gedaan. De dga was hier als minderheidsaandeelhouder en bestuurder ook zeer voorzichtig in, omdat zij niet het beeld wilde creëren dat zij misbruik van haar positie maakt. Het hof is het met de inspecteur eens dat de auto ter beschikking stond. Daaraan doet het verbod op privégebruik niet af. Ook is het niet relevant dat de dga in privé een auto ter beschikking heeft. De dga kon feitelijk de beschikkingsmacht over de auto uitoefenen en dat is waar het om gaat.

Gerechtshof (2025): terechte correctie van de bijtelling

De volgende vraag is of is gebleken dat de auto voor niet meer dan 500 kilometer op kalenderjaarbasis voor privédoeleinden is gebruikt. Volgens de belastingplichtige is aan die bewijslast voldaan. Zij wijst op het verbod op privégebruik, het personeelshandboek en het sleutelbeheer. Ook licht zij het toezicht op de naleving van het verbod en het sanctiebeleid toe. Er is geen kilometerregistratie, want privégebruik was onmogelijk. Volgens het hof heeft de belastingplichtige niet aan de bewijslast voldaan. Er is een verbod op privégebruik, maar geen verifieerbare informatie waaruit blijkt dat er geen privégebruik heeft plaatsgevonden. Het gestelde sleutelbeheer is daarvoor onvoldoende, want er is niets overgelegd waaruit volgt dat het gebruik van het sleutelkastje is gecontroleerd. Ook het schriftelijke verbod op privégebruik is niet voldoende, want de regels voor bestelauto’s zijn anders dan voor personenauto’s. De door de inspecteur opgelegde naheffing van bijtelling wegens vermeend privégebruik van de personenauto is terecht.

Gerechtshof (2025): onterechte vergrijpboete wegens privégebruik auto

Het hof ziet zich voor de vraag gesteld of de inspecteur de bestanddelen van het beboetbare feit overtuigend heeft aangetoond. De inspecteur meent van wel. Door de positie van de dga kon de belastingplichtige niet menen dat de auto niet aan haar ter beschikking stond. De autoverklaringen laten zien dat de belastingplichtige bekend was met de regelgeving. Door geen verifieerbare controles uit te voeren, kon bij de belastingplichtige niet de overtuiging hebben bestaan dat op goede gronden werd afgezien van bijtelling. Dit bewijst volgens de inspecteur tot grove schuld. Het hof meent dat aan de bewijslast niet is voldaan. Op basis van alle feiten en omstandigheden handelde de belastingplichtige niet met in laakbaarheid aan opzet grenzende onachtzaamheid door ervan uit te gaan dat voldoende was gewaarborgd dat de auto niet privé werd gebruikt en dat er daarom geen rittenadministratie hoefde te worden bijgehouden. De vergrijpboete is terecht vernietigd.

Voorkom naheffing van bijtelling wegens privégebruik personenauto

De bewijslast dat een personenauto niet meer dan 500 kilometer per jaar voor privédoeleinden is gebruikt, rust op de belastingplichtige. Het betreft een verzwaarde bewijslast. Deze komt aan de orde zodra de inspecteur heeft bewezen dat de personenauto ter beschikking is gesteld. De financiële gevolgen van correcties op dit vlak kunnen groot zijn. Hebt u vragen over dit onderwerp? Neem dan gerust eens vrijblijvend contact met ons op.

Civra-Hoge-resolutie-voor-afdruk-zonder-logo-in-Adobe-93-scaled-aspect-ratio-200-200

Fiscale vraag?

Hebt u een fiscale vraag of deskundig fiscaal advies nodig? Neem dan gerust eens vrijblijvend contact met ons op via onderstaand formulier.

"*" geeft vereiste velden aan

Dit veld is bedoeld voor validatiedoeleinden en moet niet worden gewijzigd.

Kennisbank. Lees ook artikelen over: