Kabinet wil pseudo-eindheffing fossiele personenauto per 2027
- Publicatiedatum 01 jan 2026
- Aanpassingsdatum 03 aug 2026
- Leestijd 4 min
Het kabinet wil het hele zakelijke autopark verduurzamen. Een ambitieus voornemen als dit vraagt om ingrijpende maatregelen. Een van die maatregelen is het invoeren van een pseudo-eindheffing. Bij een pseudo-eindheffing komt de belastingmaatregel niet in plaats van de heffing bij de werknemer, maar naast die heffing. Deze nieuwe pseudo-eindheffing geldt voor een personenauto die voor privédoeleinden ter beschikking staat en die niet volledig emissievrij is.[1] Stelt een werkgever een dergelijke personenauto ter beschikking, dan is de werknemer de bijtelling verschuldigd en de werkgever een eindheffing van 12%. Beide worden berekend over de waarde van de personenauto. In de meeste gevallen is dat de catalogusprijs. Dit artikel gaat over deze pseudo-eindheffing die de wetgever per 1 januari 2027 wil invoeren.[2]
Wanneer valt een personenauto vanaf 2027 onder de pseudo-eindheffing?
Niet iedere personenauto valt onder deze eindheffing. Het gaat de wetgever om de personenauto die niet volledig emissievrij is en die ook voor privédoeleinden wordt gebruikt. De wetgever wil namelijk de verduurzaming van wagenparken stimuleren. Daarom richt de maatregel zich op situaties waarin een personenauto niet uitsluitend voor zakelijke doeleinden ter beschikking aan een werknemer is gesteld. Als de personenauto uitsluitend in het kader van de bedrijfsvoering wordt gebruikt, is de regeling niet van toepassing. Privégebruik is het gebruik dat niet bij de bedrijfsvoering hoort. Voor deze regeling valt daar ook woon-werkverkeer onder. De pseudo-eindheffing is niet van toepassing op een bestelauto.
De pseudo-eindheffing bij overmacht en bijzondere omstandigheden
De wetgever is zich ervan bewust dat in geval van overmacht of bijzondere omstandigheden het onevenredig kan zijn om direct de pseudo-eindheffing toe te passen. Als er sprake is van niet-zakelijke kilometers, dan kan de werkgever proberen aannemelijk te maken dat er sprake was van overmacht of bijzondere omstandigheden. Dergelijke algemene uitzonderingen zijn in de praktijk vaak voer voor discussies met de Belastingdienst. Het is afwachten hoe strikt de Belastingdienst in de praktijk aan ‘overmacht’ en ‘bijzondere omstandigheden’ zal toetsen.
Hoe hoog is de pseudo-eindheffing op een fossiele personenauto?
Bij de vaststelling van het tarief is rekening gehouden met de wens om aan te zetten tot verduurzaming van het wagenpark. Daarom is gekozen voor een tarief van 12% over de waarde van de personenauto. De waarde is in principe de catalogusprijs. Betreft het een personenauto die ouder is dan 25 jaar, dan geldt de waarde in het economisch verkeer. Door aansluiting te zoeken bij een leeftijd van 25 jaar wordt afgeweken van de 15-jaargrens die in de bijtelling geldt voor oudere personenauto’s. Voor oudere personenauto’s geldt geen hoger tarief.
De pseudo-eindheffing geldt per kalendermaand
Om de maatregel uitvoerbaar en eenvoudig te houden zal de pseudo-eindheffing per kalendermaand worden berekend. De werkgever mag de afdracht maandelijks doen, maar ook na afloop van het kalenderjaar. Dat moet dan uiterlijk bij de tweede loonaangifte over het volgende kalenderjaar. Als een personenauto slechts een deel van het jaar ter beschikking is gesteld, dan is de eindheffing niet over het hele jaar verschuldigd. Gedeelten van een maand tellen wel als gehele maanden mee.
Overgangsrecht bij de pseudo-eindheffing fossiele personenauto’s per 2027
Deze wetgeving gaat per 1 januari 2027 in. Op personenauto’s die op of na deze datum voor het eerst ter beschikking worden gesteld door de werkgever, is de pseudo-eindheffing direct van toepassing. Voor bestaande gebruikers komt er overgangsrecht. Dat overgangsrecht loopt tot 17 september 2030. Vanaf die datum geldt de maatregel voor alle ter beschikking gestelde personenauto’s. Het overgangsrecht blijft gelden als dezelfde werkgever een ‘overgangsrechtauto’ aan een andere werknemer ter beschikking stelt. De wetgever verwacht dat deze termijn voor de meeste bedrijven voldoende is, onder andere omdat de gemiddelde duur van een leasecontract tussen de vier en vijf jaar ligt. De verwachting is dat circa 925.000 personenauto's met deze regeling te maken kunnen krijgen.
Strafheffing op vervuilende personenauto: grote ambities met grote gevolgen
De keuze van de wetgever om via een pseudo-eindheffing werkgevers vanaf 2027 te belasten voor het ter beschikking stellen van een niet-emissievrije personenauto heeft grote financiële gevolgen. De verwachting is dat door deze maatregel in 2030 circa 95% van de nieuw verkochte zakelijke personenauto's volledig elektrisch is. Het tarief van de eindheffing is met 12% fors te noemen. Zo zal een personenauto met een cataloguswaarde van € 50.000 leiden tot een pseudo-eindheffing van € 6.000 per kalenderjaar. Bij een wagenpark van enige omvang zal dit leiden tot een aanzienlijke financiële impact. Werkgevers doen er daarom goed aan om al in 2026 aan de slag te gaan met het beoordelen van het huidige en toekomstige wagenpark. Hebt u hier vragen over? Neem dan gerust eens vrijblijvend contact met ons op.
Bronnen:
[1] Kamerstukken II 2025/26, 36812, nr. 3 (Belastingplan 2026).
[2] Zie ook: Civra 1 februari 2026, 'Kabinet beantwoordt vragen over pseudo-eindheffing fossiele personenauto's' (ons artikel n.a.v. de beantwoording van verschillende vragen over de regeling) & Civra 3 augustus 2026, 'Kabinet kondigt aanpassingen en verduidelijkingen pseudo-eindheffing fossiele personenauto's aan' (ons artikel n.a.v. een Kamerbrief over mogelijke wijzigingen/aanpassingen).
Fiscale vraag?
Hebt u een fiscale vraag of deskundig fiscaal advies nodig? Neem dan gerust eens vrijblijvend contact met ons op via onderstaand formulier.
"*" geeft vereiste velden aan