Voorwaarden bekend voor fiscale coronareserve

Om ervoor te zorgen dat u toch eerder kunt beschikken over liquiditeiten, heeft de staatssecretaris van Financiën bij het besluit van 6 mei 2020 (nr. 2020-9594 Staatcourant 2020 Nr. 26066) besloten dat u als belastingplichtige voor de vennootschapsbelasting (Vpb) het verwachte verlies voor het jaar 2020, dat verband houdt met de coronacrisis, geheel of gedeeltelijk als fiscale coronareserve ten laste van de winst van het jaar 2019 mag brengen. De voorwaarden hiervoor zijn nu nader bekend, maar ook de eventuele nadelige gevolgen.

Hiervoor gelden de hiernavolgende voorwaarden
  1. Er is sprake van een verwacht coronagerelateerd verlies in het boekjaar 2020. Onder verlies wordt verstaan: verlies in de zin van artikel 20, lid 1, Wet Vpb 1969, voor zover dit verlies verband houdt met de gevolgen van de coronacrisis, bijv. omzetderving vanwege de door de overheid genomen coronamaatregelen.
  2. Het verwachte coronagerelateerde verlies kan niet groter zijn dan het totale verlies dat u verwacht over het boekjaar 2020. Het vormen van een coronareserve is dus niet mogelijk als u een positieve belastbare winst over 2020 verwacht.
  3. De dotatie aan de coronareserve in het boekjaar 2019 bedraagt maximaal de winst over het boekjaar 2019 die zou gelden zonder de vorming van deze reserve.
  4. De coronareserve dient u uiterlijk in het boekjaar 2020 volledig in de winst op te nemen. Hierbij dienen dezelfde bepalingen van toepassing te zijn bij het bepalen van de winst als bij de vorming van deze reserve in 2019.
  5. De dotatie aan de coronareserve dient u in de aangifte Vpb 2019 op te nemen in de rubriek Overige fiscale reserves. De vrijval in het boekjaar 2020 dient u in de aangifte Vpb 2020 als onttrekking in deze rubriek op te nemen.
Gevolgen vorming van coronareserve

Let op. Het vormen van een coronareserve kan gevolgen hebben voor de toepassing van andere regelingen in de Vpb, zoals de verliesverdamping.

Een verlies van uw BV wordt eerst verrekend met de winst van het voorgaande jaar (carry back). Pas daarna wordt het verlies verrekend met de winsten van de toekomstige jaren (carry forward). Met ingang van 2019 is een verlies voor de Vpb nog slechts zes jaar voorwaarts verrekenbaar. Voor de jaren tot en met 2018 blijft er een termijn van negen jaar gelden. Omdat het vormen van een coronareserve de winst over 2019 vermindert, vermindert daarmee ook de mogelijkheid om nog niet-verrekende verliezen uit oudere jaren in 2019 te verrekenen. Verliezen die na de wettelijk bepaalde termijnen niet verrekend zijn, komen te vervallen (verliesverdamping). Houd hier dus rekening mee als u een coronareserve vormt. Pas het bedrag zo aan dat u verliesverdamping voorkomt.

Er zijn twee manieren om een eindafrekening te voorkomen:

  1. het bedrag wat u toevoegt aan de coronareserve zodanig kiezen, zodat de vrijstelling niet intreedt;
  2. de inspecteur verzoeken om de vrijstelling niet toe te passen.

Tip 1. Wilt u een coronareserve vormen, dan kunt u vooruitlopend op de in te dienen aangifte Vpb 2019 een verzoek indienen om de voorlopige aanslag Vpb 2019 te verminderen.

Tip 2. Wilt u een coronareserve vormen en heeft u reeds de aangifte Vpb 2019 gedaan, dan dient u opnieuw aangifte te doen.

Ondernemer in de inkomstenbelasting?

Deze regeling geldt alleen voor de Vpb, dus met name voor BV’s en NV’s. Tot nu toe is er op dit punt niets extra geregeld voor ondernemers die inkomstenbelasting over hun winst betalen. Zij hebben wel nu al meer mogelijkheden voor verliesverrekening (drie jaar carry back).